Poubelle - Pieter Waterdrinker

16-03-2020

De 35-jarige Wessels Stols heeft hoge ambities. Hij wil schrijver worden maar gaat de politiek in als euro-parlementariër. Gaandeweg wordt hij iemand die hij nooit had willen zijn.

De proloog geeft al direct de aanzet tot het boek.

'Op het Amsterdamse kerkhof.
Dood.
Net als de 298 arme zielen die, op weg van Schiphol naar Kuala Lumpur, anderhalve week eerder als een patrijs uit de lucht waren geschoten. Terwijl sommigen van hen de stewardess misschien juist een extra glaasje water hadden gevraagd, in de rij stonden voor de wc of net waren begonnen aan een boek van een van onze vaderlandse bestsellerauteurs. Om te eindigen in de zonnebloemvelden, niet ver van de plaats waar Wessel Stols dat voorjaar was geweest en bijna letterlijk was gesmoord in de stront, al loop ik nu wel heel ver op de zaken vooruit.'

De ramp met de MH17, het staat ons nog vers in het geheugen.

Het decor voor de gebeurtenissen in het boek is het Europa dat afstevent op de ramp met de MH17. Op 17 juli 2014 stortte een Boeing 777-200ER van Malaysia Airlines neer bij het dorp Hrabove in Oost-Oekraïne. Het toestel was geraakt door een luchtdoelraket en vloog boven een oorlogsgebied.

Alle inzittenden kwamen om, 298 mensen waarvan 193 de Nederlandse nationaliteit hadden en vier inzittenden de Belgische.

'Poëzie, eruditie! Goedenavond! Mijn naam is Wessel Stols, als lid van het Europees Parlement wil ik het hier vanavond in Alkmaar, in de stad niet ver van de plaats waar ik geboren ben, graag met u hebben over de noodzaak tot kennis, over eruditie... Ik zeg u: geschiedenis als vak verplicht op alle scholen! Geen heden zonder verleden! Ja, dat heeft u goed gezien. Ik ben gekomen met mijn Opel Kadett... Inderdaad, helemaal uit Brussel... Waarom ik geen dure wagen rijd? Bescheidenheid siert de mens! Poëzie! Eruditie! De dichter dicht niet maar opent verre verschieten, bijvoorbeeld van tientallen vrouwen met prachtige tieten... Ha, ha, meesterlijk! Zouden onze kinderen in ieder geval maar één zo'n gedicht uit het hoofd kennen... De hersenen zijn als spieren... Men moet ze trainen... Al die mobieltjes van onze kinderen, dat gaat op een dag... Hou op met die bommen! Godverdomme! Ik zeg het nu voor de laatste keer: ophouden! Staken! Jullie komen me te dichtbij! Mijn potten met augurken vallen zo direct nog van de planken, stuk op de grond... En wat moet ik dan? Wat heb ik dan nog te eten? Behalve mijn eigen stront? Ik kan momenteel niet opstaan... Het lichaam is een fabriek van vlees...'

Dit stuk gaat alle kanten op. De hoofdpersoon Wessel Stols zit gevangen in een kelder in Oost-Oekraïne. Hij heeft alleen potten ingemaakte augurken om te eten en door het watertekort geraakt hij in een soort delirium dat steeds erger wordt.

De auteur neemt ons mee in een wervelende serie gebeurtenissen in de persoon van Wessel Stols die vrijend en drinkend door Frankrijk reist, in de Russische kunstwereld terechtkomt, ons doet belanden in de grachtengordel van Amsterdam, Euro-parlementariër wordt en op het podium belandt tijdens de Maidanrevolutie in Kiev en de opstandelingen de steun van Europa belooft.

In het begin van het boek ontmoeten we Wessel Stols een maand voor zijn vijfendertigste verjaardag. Hij is een succesvol zakenman en heeft de helft van zijn bedrijf verkocht aan zijn vriend en partner Max Kisch. Samen met zijn vrouw Friedl verblijft Wessel in Parijs. Hij heeft grote ambities om schrijver te worden. En vergelijkt zichzelf voortdurend met de groten: Dostojewski, Nabokov en Tsjechov. Zijn vrouw Friedl hoopt op een kind. Het schrijven lukt niet. Wanneer hij niet aan schrijven toekomt, ligt de oorzaak altijd buiten hem. Ze blijven dan ook niet lang in Parijs. Van Parijs naar Bordeaux - een stad met volstrekt de verkeerde vibraties - naar Biarritz, naar Toulouse en drie dagen later naar Albi, in een gerenoveerde herenboerderij van een echtpaar Bricks.

Wanneer Friedl een miskraam krijgt en Wessel niet weet wat hij moet doen om zijn vrouw te troosten, keert Friedl terug naar Nederland.

Wessel blijft alleen achter en reist naar Rusland, naar Moskou.

Het is het begin van het einde van deze ijdele man.

Op de hoon van toekomstige critici, hoon die ongetwijfeld - samen met de roem - zou komen, moest hij nu al voorbereid zijn. Hij reist naar het huis waar de Anton Tsjechov heeft gewoond en gewerkt. In de hoop de geest van Tsjechov te kunnen opsnuiven en zo inspiratie te vinden voor zijn eerste grote roman.

In Rusland komt hij terecht in de high-society, tussen de hoeren en de wodka. De vele seks maakte het voor mij wel ongeloofwaardig. Iedereen doet het in het boek met iedereen, soms met twee of drie tegelijk.

EEN SPIEGEL

Dat is wat het boek ons voorhoudt. Het wil een spiegel zijn over hoe Europa en Nederland de andere kant opkijken. Er wordt veel beloofd maar weinig gedaan. En niemand lijkt er zich druk over te maken. De rijken worden rijker, de armen armer. En Europa doet er niets aan, integendeel, houdt het in stand. Kijk maar naar de overdadige salarissen en voordelen die de euro-parlementariërs leiden.

Zo veel verschilt Rusland niet met Europa: beiden zijn een experiment om mensen en landen te verenigen en hebben aan de top een rijke elite met allerlei voordelen. Maar dat mag je in Nederland niet zeggen. Dus woont Pieter Waterdrinker in Rusland sinds 1996.

DE TITEL

'Poubelle' het Franse woord voor vuilbak. Dat is wat Europa en Nederland zijn: een vuilbak. Het Europese instituut staat op springen, is failliet, heeft niet waargemaakt waar het voor staat. Moreel bankroet. Van vrolijk in de wereld staan kun je de schrijver niet betichten.

Een politieke roman die interessant is om te lezen, een stem die je niet vaak hoort en alleen al daarom door iedereen gelezen zou moeten worden. In het hele boek door schittert de voorbijgegane grandeur van het oude Rusland.


Lees deze interessante recensie:

https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/poubelle-kroniek-van-een-andere-wereld~bc6f258a/