Moederziel - Ans Vroom

19-03-2021

Over moeders en dochters, en tantes, ja, die ook. Over hoe ze onze voorbeelden zijn en over hoe we de tragiek van de vorige generaties met ons meedragen. 


Wat een schitterend en veelbelovend debuut. Ans Vroom schrijft zonder franjes, sèc en sober maar gaat daarbij emotioneel moeilijke kwesties niet uit de weg waardoor ik helemaal mee was met de personages en geboeid bleef verder lezen.

Ans Vroom (1979) studeerde Taal- en Letterkunde aan de Universiteit Antwerpen. Ze startte als dramaturg in het theater en werkt al jaren als freelancejournalist voor verschillende magazines. Moederziel is haar debuut.

Zo begint dit boek. We worden onmiddellijk in de miserie ondergedompeld en drie pagina's later is de moeder al dood. Het gezin met zeven kinderen is moederloos achter gebleven. Het is het moeilijkste voor de twee middelste dochters in het gezin van vier dochters en drie zoons. Marie, is net twaalf geworden, heel gevoelig en altijd een moederskindje geweest. En Vera is een opstandige puber die zich veel sterker voordoet dan ze eigenlijk is. Na de dood van Louise is er gelukkig nog hun grootmoeder Gabriëlle.

Zij is een sterke vrouw. Ze verdeelt haar tijd over haar eigen huishoudelijke taken en die van haar dode dochter. Rond de middag komt ze elke dag bij haar schoonzoon Eduard om daar het huishouden te doen. Een gezin van zeven kinderen, een bende dolgedraaide tieners, runt zichzelf niet.

We zijn in de periode 1969 tot 1977, in het eerste deel van het boek. Er zijn vijf delen in het boek. Het tweede deel is van 1983 - 2000, dan van 2004 - 2008, vervolgens 2013 - 2018 en 2019. Vijf tijdsperiodes die elkaar niet altijd opvolgen - er worden soms verschillende jaren overgeslagen. In totaal bestaat het boek uit 78 korte hoofdstukken, evenveel als de leeftijd van Marie.

Elk deel heeft heel goed de normen en waarden weer van die tijd, hoe het er in de huishoudens aan toe ging, en vooral de man-vrouw verhoudingen, de rol van de vrouw in het huishouden en het gezin.


We volgen vooral Marie, die opgroeit en zelf kinderen krijgt. Ze huwt met Peter en beginnen een eigen fietsenzaak. Een loodzware lening bij de bank, Peter die zich voltijds bezig houdt met de zaak. Al snel wordt het eerste kind geboren, Elise. Daarna wordt in het verhaal Elise verder gevolgd. Ook zij groeit op en krijgt een dochtertje Violet.

De tijden zijn veranderd, de maatschappij is veranderd. Maar uitdagingen zijn gebleven. Violet blijkt een lastig kind te zijn. Eentje in het ASS en hoogbegaafd. Een kind met een gebruikshandleiding, zeg maar. Alleen krijg je die niet met de geboorte mee.

Het is een open einde. De tijd gaat verder.

De hoofdpersonages en de andere personages zijn heel herkenbaar neergezet. Het zou zo om je eigen ouders, grootouders kunnen gaan, broers en zussen, tantes. Daarin schuilt een grote kracht van het boek. Ook de beschrijving van een kind in het ASS vond ik heel herkenbaar en actueel.

Op de achterflap staat:

'De dood van Louise zet een reeks gebeurtenissen in gang en het verdriet van Marie beïnvloedt vanaf dan elke keuze die ze maakt. Tot ze op een dag wakker wordt in een leven dat het hare niet is. Onbewust geeft Marie de pijn door aan haar dochter Elise, die vijftig jaar later na de dood van haar grootmoeder beslist de noodlottige cirkel van haar familie te doorbreken.'

Na het lezen van het boek dekt dit citaat op de achterkant van het boek de lading niet. Hoe Elise de noodlottige cirkel van haar familie doorbreekt is mij niet echt duidelijk.

Verwacht dus geen ontknoping of een einde waar alles samen komt.

De roman is in de derde persoon geschreven wat afstandelijk overkomt. Alsof een verteller van op afstand alles beschrijft en wij vanop de zijlijn meekijken, mee observeren. Het is bijna een journalistieke stijl. Toch kon het hele boek mij boeien van het begin tot het einde. Omdat de auteur emotioneel moeilijke kwesties zo helder en tegelijk diepgaand neerzet, blijf je geboeid verder lezen. Dit boek is geschreven met een groot inzicht in mensen en menselijke gevoelens.

Elk van de vijf delen in het boek begint met een toepasselijk citaat. Twee zijn afkomstig uit het boek 'Een klein leven' van Hanya Yanagihara en twee uit 'Proeven van liefde' van Alain de Botton.

'Uiteindelijk, heb ik gemerkt, maakt het eigenlijk niet uit met wie je trouwt. Als je ze in het begin leuk vindt, vind je ze aan het eind waarschijnlijk niet meer leuk. En als je in het begin de pest aan ze hebt, is er altijd een kans dat ze uiteindelijk wel meevallen.'

'Misschien is het wel zo dat we pas echt bestaan als er iemand is die ons ziet bestaan, dat we eigenlijk pas kunnen praten als er iemand is die begrijpt wat we zeggen, dat we in essentie pas werkelijk leven als iemand ons liefheeft.'

Tijdens ons hele leven gaan we op zoek naar die liefde. En dat gaat op voor elke generatie.

'Wanneer de dokters haar vertellen dat de tumor uitgezaaid is en dat ze de lente niet meer zal halen, weet Louisa meteen wie van haar zeven kinderen het ergste trauma zullen overhouden aan haar dood.'